In de leer bij…Bono

Henk Jan KamsteegBlogLeave a Comment

Voorafgaand aan het interview dat voorganger Bill Hybels eens met hem hield voor de Global Leadership Summit, vroegen veel deelnemers aan de conferentie zich af of Bono wel christen is. Maar, zo concludeerde iemand na het zien van het indringende gesprek: “Nu vraag ik me af of ikzelf wel christen ben…” De zanger van U2 over sociale gerechtigheid, armoede, aids… en de rol die leiders hierin kunnen spelen. In de leer bij Bono.

Time Magazine riep hem in 2005 samen met Bill en Melinda Gates uit tot persoon van het jaar. Niet om zijn muzikale hoogstandjes, maar om zijn onvermoeibare strijd tegen onrecht in de wereld. Bono profileert zich al jaren als rockster op de preekstoel. Onder zijn gehoor bevinden zich regelmatig grote wereldleiders. Tijdens de Global Leadership Summit 70.000 kerkleiders toe. Zijn boodschap is duidelijk: “God is in de sloppenwijken, in de kartonnen dozen die voor armen hun huis zijn. God is in de stilte van een moeder die haar kind besmette met een virus dat hen beiden zal doden. God is in het huilen dat klinkt in het puin van een oorlog. God is in de puinhopen van verspeelde kansen en levens. En God is met ons, als wij met Hem zijn.”

Van een wijs man leerde Bono God niet langer te vragen of Hij wilde zegenen waar hijzelf mee bezig was, maar betrokken te raken in datgene waar God mee bezig is. “Want waar God mee bezig is, daar rust zijn zegen op. God is met de armen. En dit is waartoe Hij ons roept.”

De macht van beroemdheid

Duidelijk is dat Bono zijn roeping heeft gevonden. En als een waar leider gebruikt hij zijn invloed om anderen in deze missie mee te nemen. Bono ziet zijn rol als die van iemand die alarm slaat. En omdat hij nu eenmaal een popster is, luisteren mensen naar hem. “Beroemdheid is belachelijk, het is dwaas, maar het is een soort valuta waar je verstandig mee moet omgaan. En dat is wat ik heb geleerd. (…) Ik kan dit belachelijke gedoe, beroemdheid geheten, uitbuiten om deze kwesties te bevorderen. Dat is de enige kwalificatie die ik hoef te bezitten.”

In het boek Bono over Bono stelt de zanger zelf geen macht te hebben om de wereld te veranderen. “Maar de mensen die ik vertegenwoordig wel. En de reden waarom politici mij binnenlaten, en de reden waarom mensen mijn telefoontjes aannemen, is dat ik een grote achterban van kiezers vertegenwoordig. (…) Die achterban is ontzettend machtig, want hij bestaat uit mensen tussen de achttien en dertig die zwevende kiezers zijn.”

Bono voelt zich de vertegenwoordiger van de talloze mensen zonder stem. Of om concreter te worden: de 6.500 mensen die dagelijks in Afrika sterven aan aids. “Ik vertegenwoordig ze nu. Ze hebben het me evenmin gevraagd. Het is vrijpostig, maar ik hoop dat ze blij zijn dat ik het doe en in Gods orde der dingen zijn zij het belangrijkst. En dus ja, dat verleent je inderdaad een macht die ver uitstijgt boven alles waar je als lid van een popband invloed op zou kunnen uitoefenen. En het gaat om een zeker moreel gezag dat ver boven je eigen leven en capaciteiten uitstijgt. De klap die je uitdeelt, komt niet van jezelf. Hij bezit de kracht van een veel grotere zaak.”

Niveau 5-leiderschap

En klappen deelde Bono – of de kracht waar hij over spreekt – uit. Door zijn lobbywerk voor de Drop the Dept-campagne werd een derde van al de schulden van Afrikaanse landen kwijtgescholden. Het gaat hier om honderd miljard dollar. De Amerikaanse Senaat verzekerde Bono een bijdrage van 289 miljoen dollar voor de door hem opgerichte DATA-campagne (Debts, Aids, Trade, Africa).

Opvallend is dat Bono bescheiden blijft over de rol die hij heeft gespeeld in de levens van vele Afrikanen. Bono laat hiermee zien dat hij zich mag scharen onder wat Jim Collins in Good to Great ‘niveau 5-leiders’ noemt. Dit zijn leidinggevenden die bij succes door het raam wijzen naar anderen en bij falen in de spiegel kijken en zelf de schuld op zich nemen. “Ik ben Moeder Teresa niet. (…) Ik ben wie ik geworden ben, wat heel ver afstaat van de soort mensen die me geïnspireerd hebben.”

In plaats van zichzelf dus op de borst te kloppen, besteedt Bono zijn tijd liever aan het aanmoedigen van anderen ook hun verantwoordelijkheid te nemen. “Er zijn genoeg redenen om je niet op je gemak te voelen in deze wereld en we kunnen ze niet vierentwintig uur per dag te lijf gaan. Soms is het de moeite waard om jezelf enkele vragen te stellen over jezelf en de wereld waarin je leeft, de ongelijkheid.” En wanneer we tot de ontdekking komen dat er iets niet klopt, zullen we er iets aan moeten doen. “Want als je dat niet doet, is het ofwel gemakzuchtig, of je woelt alleen maar dingen op en dat brengt je nergens.”

Met liefdadigheid neemt Bono niet langer genoegen. Of zoals hij eens tijdens het National Prayer Breakfast in het Witte Huis zei: “U bent erg goed in liefdadigheid. (…) Maar gerechtigheid legt een andere norm. Afrika maakt ons spreken over gerechtigheid tot een aanfluiting en ons ideaal van menselijke gelijkwaardigheid tot een farce. Het hoont onze vroomheid, trekt onze zorg in twijfel en zet vraagtekens bij onze betrokkenheid.”

Dat er in Afrika talloze mensen sterven aan ziekten die te behandelen zijn met medicijnen die in het Westen op de hoek van de straat te krijgen zijn, kan Bono niet verkroppen. “Dit is geen kwestie van liefdadigheid, maar van gerechtigheid en gelijkwaardigheid. Want als we eerlijk zijn, is het onmogelijk om te zien wat er in Afrika gaande is en dan vol te houden dat we echt vinden dat Afrikaanse mensen gelijkwaardig zijn aan ons. Nergens anders ter wereld zouden we accepteren wat er in Afrika gebeurt.”

De rol van de kerk

De Ierse Bono, kind van een protestante moeder en katholieke vader, heeft een haat-liefdeverhouding met de kerk. Vooral tv-dominees – “nepverkopers van God” – moeten het bij hem ontgelden. Maar ook voor meestal serieuzer genomen predikers die zich drukker maken om regels dan om een liefdevolle relatie met Jezus, heeft Bono geen goede woorden over. “Wat ik altijd tegen heb gehad op fundamentalisten, is dat ze eeuwig en altijd gepreoccupeerd lijken te zijn met wat naar mijn mening de minst belangrijke wensen van God zijn. (…) Wat ik nooit begrepen heb, was waarom ze nooit stilstonden bij de diepere problemen van de menselijke geest, zoals zelfingenomenheid, veroordelingszucht, institutionele hebzucht, inhaligheid van het bedrijfsleven of oneerlijke handelsovereenkomsten die ontwikkelingslanden in de middeleeuwen houden.”

Religie is volgens de zanger vaak een vijand van God. “Dat gebeurt wanneer God het gebouw verlaten heeft. Een lijst met instructies komt in plaats van overtuiging; dogma in plaats van gewoon doen; een congregatie geleid door een mens in plaats van een congregatie geleid door de Heilige Geest. Discipline komt in plaats van discipelschap.”

Maar Bono staat niet alleen klaar met kritiek. Wanneer kerken wel blijk geven van een oprecht rechtvaardigheidsgevoel, is hij de eerste die hen zal complimenteren en bemoedigen dit gevoel handen en voeten te geven. Zo is Bono blij met de kerken die – hoewel wat traag – zich wel druk begonnen te maken om het aidsdrama dat zich momenteel in Afrika afspeelt. Eindelijk begonnen ze volgens de zanger te geven om de melaatsen van deze tijd. “Liefde was in beweging gekomen. Genade was in beweging gekomen. God was in beweging.”

“Toen de kerken begonnen te demonstreren voor kwijtschelding van de schulden van de allerarmste landen, luisterden regeringen – en ze deden iets. Toen de kerken begonnen met acties, petities en zelfs met lobbyen voor aidsbestrijding en gezondheidzorg, luisterden regeringen – en ze deden iets. Ik sta hier vandaag in alle nederigheid (tijdens het National Prayer Breakfast, red.): jullie hebben harten veranderd, jullie hebben beleid veranderd, jullie hebben de wereld veranderd.”

In Bono over Bono neemt de popster het zelfs op voor de katholieke kerk, met wie hij duidelijk van mening verschilt over haar visie op het gebruik van voorbehoedsmiddelen. Ook met de paus, met wie hij een zonnebril en een rozenkrans uitwisselde, deelde hij zijn zorg om gebrek aan gerechtigheid. En ook nu gingen er weer deuren open die daarvoor dicht bleven.

Als slaaf van zijn missie maakt Bono zich niet zenuwachtig voor de grootheden met wie hij zijn dromen deelt. De paus, president Bush, prime minister Blair, allemaal hoorden ze de bevlogen zanger al aan. “Ik ben nooit nerveus als ik een staatshoofd ontmoet. Ik vind dat zij nerveus zouden moeten zijn, omdat zij degenen zijn die verantwoordelijk zullen worden gesteld voor de levens waarop hun beslissingen de grootste impact hebben…”

Getuigenis

Bono’s uitgesproken mening over rechtvaardigheid maar ook over zijn geloof in Jezus is voor Christian Scharen reden hem in One Step Closer een icoon te noemen. U2 brengt zijn fans volgens de auteur namelijk dichter bij het Licht. Dit doen ze niet alleen in hun nummers, maar ook door het geven van getuigenissen tijdens concerten (die door Scharen zelfs een soort kerkdiensten worden genoemd) en in interviews.

Bono, die zich laat inspireren door boeken van onder anderen Watchman Nee en C.S. Lewis, schroomt niet met seculiere popjournalisten de boodschap van de Bijbel te delen. Bono ziet zichzelf nu niet bepaald als een boegbeeld van God, maar hij is er duidelijk over dat hij zijn redding dankt aan Gods genade. “Ik zou diep in de nesten zitten als karma mijn laatste rechter was. Dan kan ik het wel schudden. Daarmee praat ik mijn fouten niet goed, maar ik heb mijn hoop daarom maar op de genade gevestigd. Ik vestig mijn hoop op het idee dat Jezus mijn zonden op zich nam aan het kruis, omdat ik weet wie ik ben en hoop dat ik niet afhankelijk ben van mijn eigen religiositeit.”

Maar, zo waarschuwt Bono tegelijkertijd, geloof moet gepaard gaan met daden. “Het is geen toeval dat armoede meer dan 2100 keer wordt genoemd in de Bijbel. En de enige keer dat Jezus spreekt als een oordelende rechter – over het scheiden van bokken en schapen – gaat het over onze omgang met de armen. Hij zegt: ‘Ik verzeker jullie: alles wat jullie gedaan hebben voor een van de onaanzienlijksten van mijn broeders of zusters, dat hebben jullie voor Mij gedaan.’ Goed nieuws dus voor de armen en verdrukten.”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *